Platform voor de bouw
Woon & Werkgebouwen

Brandweer, Deerlijk | Moderne brandweerkazerne met minimale omgevingsimpact

deerlijk1_0001-kopieren

11 april 2020 Leestijd 6 minuten

Deel dit artikel

De revolutionaire beslissing om de brandweerkorpsen van Deerlijk en Vichte (Anzegem) onder te brengen in één kazerne werd al genomen in 2013. Zes jaar later is het strakke, functionele inbreidingsproject – conform de laatste isolatie- en energienormen en met weinig onderhoud – eindelijk een feit. De ideale nieuwe thuis voor de brandweermannen en hun voertuigen.

De brandweerkazernes van Vichte en Deerlijk waren aan vernieuwing toe. Beide korpsen
bevonden zich op enkele kilometers van elkaar. De toenmalige burgemeesters bundelden de krachten en maakten de weg vrij voor een nieuwe hulpverleningspost aan de Vichtsesteenweg. De perfecte locatie: vlak aan de E17 en centraal tussen de twee oude kazernes. “Het ging om een inbreidingsproject op een bestaande industriële site”, licht architect Philip Roobrouck toe. “De oude loods op het terrein werd gesloopt en er werd ook een aanpalend perceel aangekocht.”

Voertuigvoorzieningen

De architecten kregen van de gemeentes Anzegem en Deerlijk en van hulpverleningszone Fluvia een heleboel richtlijnen mee en gingen aan het werk. “Het belangrijkste bezit van een korps zijn de voertuigen. Daar moet je dus voldoende plaats voor voorzien”, vertelt Philip Roobrouck. “Dankzij de aankoop van het aanpalende perceel heeft het terrein twee ontsluitingen: één langs de Vichtsesteenweg en één langs de Braamheuvelstraat.”

In het ontwerp zitten negen poorten vervat. Achter sommige exemplaren zijn twee voertuigen gestald. “De kazerne biedt plaats voor een zeventigtal manschappen en zal zo’n achthonderd interventies per jaar uitvoeren. Door haar centrale ligging dicht bij de autosnelweg wordt een van haar kerntaken hulpverlening bij auto-ongevallen”, zegt architecte Veronique Masselus, die samen met Philip Roobrouck aan het project werkte. “Naast de dagelijkse werking, het onderhoud van het materiaal en de regelmatige oefensessies zal de kazerne ook gebruikt worden als opleidingscentrum. Er zijn voorzieningen getroffen om het gebouw ook flexibel inzetbaar te maken voor nevenactiviteiten die losstaan van de brandweer, zodat de investering duurzaam kan worden beheerd. Voorts hebben de polyvalente leslokalen niet alleen een hedendaagse en moderne uitstraling, maar ook een warm en huiselijk karakter, waardoor de brandweerlieden zich thuis voelen in hun nieuwe omgeving. Het samensmelten van twee korpsen is namelijk geen vanzelfsprekende keuze.”

deerlijk2_0001-kopieren

De hoogte van de gebouwen varieert om de overgang tussen de agrarische omgeving en de industriële bebouwing te verzachten.

 

Water, water, de rest komt later

De kazerne bestaat uit twee delen. Het ene stuk fungeert als loods voor de voertuigen en flexzone voor de logistieke ondersteuning vanuit Fluvia. Het andere deel omvat een gebouw met kleedruimtes, sanitaire ruimtes en polyvalente zalen (leslokalen-bar). Er is ook een kleine verdieping voorzien, met twee ruimtes voor permanentie en een fitnesslokaal. “Momenteel huist er nog geen permanent personeel in de kazerne, maar dat zal op termijn wellicht veranderen”, zegt Philip Roobrouck. “In totaal gaat het om een bebouwde oppervlakte van circa 1.500 vierkante meter. De rest van het perceel – meer dan 3.500 vierkante meter – wordt gebruikt als oefenkoer, toegangsweg en groenzone.”

Het gebouw vormt een zachte, trapsgewijze overgang tussen de bestaande bebouwing en het landelijke gebied. Zo blijft de impact op de omgeving beperkt. “Het volumespel van de nieuwe gebouwen is ontworpen met het oog op een verbetering van de ruimtelijke situatie”, zegt Veronique Masselus. “Alle polyvalente ruimtes zijn naar het open landschap gericht.”

Het complex is opgevat als een betonstructuur met schrijnwerk in gelakt metaal. Voorts zijn de strengste eisen op het vlak van duurzaamheid gehanteerd, wat resulteerde in een goed geïsoleerde en luchtdichte opbouw, een adequaat ventilatiesysteem met warmterecuperatie en een performante verwarmingsinstallatie op basis van een warmtepomp. Ook het waterbeheer is ecologisch verantwoord. “Het regenwater wordt opgevangen in waterputten met een totale
capaciteit van 60.000 liter. Voor de lozing van het oppervlaktewater zijn twee wadi’s en infiltratievoorzieningen aangelegd – goed voor een buffercapaciteit van zo’n 100.000 liter.
We hielden rekening met een dagelijks water-
verbruik van 900 liter. Enerzijds voor het
sanitair en anderzijds voor het bluswater.
Niet onbelangrijk voor een brandweerkazerne”, besluiten de architecten.   

Nieuwsbrief

Meld u aan om nieuws & updates te ontvangen.

Contact

Pascal Op de Beeck

Projectmanager

Meer online zichtbaarheid creëren via Bouwen aan Vlaanderen? Neem contact met mij op.

0%

Wij gebruiken cookies. Daarmee analyseren we het gebruik van de website en verbeteren we het gebruiksgemak.

Details