Platform voor de bouw
Overig

Brandwerende binnendeuren: meer dan één woordje uitleg

AndreasVanhauwaertFotografie_Holvoet_HowestKortrijkENT_ID1707
In het kader van de nieuwe Europese brandnormering voeren deurfabrikanten intensieve testen uit op de deurbladen en -gehelen.

Tekst | Holvoet

Beeld | Andreas Vanhauwaert

12 augustus 2021 Leestijd 4 minuten

Deel dit artikel

Het hoeft geen verder betoog dat brandwerende binnendeuren (en de bijbehorende verplichtingen) van het allergrootste belang zijn. De wet- en regelgeving wordt echter steeds complexer door de toenemende techniciteit. De uiteenlopende normeringen en classificaties vereisen bekwaam vakmanschap en technische expertise om de beste oplossingen te kunnen bieden. Holvoet, een West-Vlaams schrijnwerkbedrijf dat zich specialiseert in technische binnendeuren, maakt ons wegwijs in deze ingewikkelde materie.

Op middelkorte termijn zal de Belgische brandwetgeving (RF) plaatsmaken voor een Europese brandwetgeving (EI). In deze Europese wetgeving is er sprake van een strenge (EI1) en minder strenge (EI2) interpretatie. België bekrachtigt zijn voortrekkersrol op het vlak van brandveiligheid door volop de EI1-kaart te trekken. Het verschil tussen beide interpretaties schuilt in de testmethode van het brandwerend geheel.

  • (E) staat voor vlamdichtheid, de eerste voorwaarde voor een brandclassificatie.
  • (I) staat voor thermische isolatie. De thermische isolatie (I), die vroeger in de Franse normen werd aangeduid met de term ‘coupe-feu’, is een criterium dat de temperatuurstijging van de deur aan de beveiligde kant meet. Om deze temperatuurstijging te meten, worden er op verschillende genormeerde plaatsen van de deur thermokoppels aangebracht.
  • (W) staat voor straling. Een meting van de straling aan de beveiligde kant op 1 meter van het geteste element mag niet meer dan 15 kW/m² bedragen. Dit criterium (W) wordt steeds in kaart gebracht, rekening houdend met het vlamdichtheidscriterium (E).

In het kader van deze nieuwe normering voeren deurfabrikanten intensieve testen uit op de deurbladen en -gehelen. Bij EI1 mag de maximale temperatuur op de deurvleugel 180 °C bedragen. De positie van de meetpunten is vastgelegd op 25 mm van de rand. De maximale temperatuur op het kozijn is 180 °C. De gemiddelde temperatuur van de vaste meetpunten en het mobiele meetpunt mag niet boven de 140° C komen op het einde van de proef. Bij EI2 bedraagt de maximale temperatuur op de deurvleugel 180 °C. De positie van de meetpunten is vastgelegd op 100 mm van de rand. De maximale temperatuur op het kozijn is 360 °C. Als een bestek een bepaalde brandweerstand opgeeft zonder te verduidelijken of het om I1 of I2 gaat, bijvoorbeeld EI30, wordt er verwezen naar EI2-30, dat in de meeste EU-landen wordt gebruikt. De Belgische wetgeving schrijft EI1 voor ter vervanging van de nationale BENOR-ATG-norm. Bijgevolg is EI2 niet toegestaan in België.

Nieuwsbrief

Meld u aan om nieuws & updates te ontvangen.

Contact

Pieter-Jan Vansteelandt

Projectmanager

Benieuwd naar de mogelijkheden? Ik vertel u graag alles over onze samenwerkingspakketten.

0%

Wij gebruiken cookies. Daarmee analyseren we het gebruik van de website en verbeteren we het gebruiksgemak.

Details