02:30
28-11-2019

Circulair bouwen | Hoe maak je circulair bouwen economisch rendabel?

Circulair bouwen wint aan belang in de bouwsector. De ondertekening van de Green Deal Circulair Bouwen op Batibouw onderstreepte eens te meer dat het bedrijven en organisaties uit uiteenlopende sectoren menens is om van circulair bouwen een dagelijkse realiteit te maken. Maar is circulair bouwen ook rendabel? Op een panelgesprek van architectura.be wierpen diverse gesprekspartners een blik op de kosten en opportuniteiten die circulaire bouwprojecten met zich meebrengen. 

“Circulair bouwen heeft meer kan op slagen in een groot bouwproject. Een kleine kmo zal er minder snel aan beginnen dan grote spelers”, zegt Krys Blykers, zaakvoerder van a-tract architecture, dat in het verleden al meermaals geëxperimenteerd heeft met (principes van) circulair bouwen. Tom Rommens, Sustainability Manager bij Gyproc België, nuanceert: “Het hangt ervan af wat je verstaat onder ‘circulair bouwen’. Bokrijk staat vol met circulaire gebouwen, want tot de jaren 50 was elk gebouw in principe circulair. Pas nadien is het misgelopen.” 

“De doorsneeprojectontwikkelaar zal zich nog niet al te snel wagen aan circulariteit”, vreest Mieke Vandenbroucke van VIBE. “Dat is te wijten aan een gebrek aan kennis én interesse. Maar toch is het mogelijk om ook op kleinere schaal aan circulair bouwen te doen. Alles hangt ervan af hoever je gaat.”

Mieke Vandenbroucke (VIBE): “We moeten ook naar de volledige financiële impact durven kijken, inclusief toekomstige vervangingen en renovaties, en niet enkel naar de initiële impact.”

 

Ecologische en sociale kosten

“BC Architects & Studies neemt ook kleinschalige projecten aan”, aldus co-founder Ken De Cooman. “Als het over rendabiliteit gaat, spelen voor ons ook de ecologische en sociale kosten en baten een rol. Als het alleen om de economische rendabiliteit gaat, dan is het inderdaad een moeilijker verhaal. Maar mits je de nodige creativiteit aan de dag kan leggen, zijn er mogelijkheden.”

“Circulair bouwen wordt haalbaar als we producten op een andere manier gaan bekijken”, oppert Erik De Bisschop, strategic account manager bij Tarkett. “Onze producten zijn stuk voor stuk Cradle to Cradle-gecertificeerd en kunnen na gebruik volledig geüpcycled worden. Zo worden er bijvoorbeeld nieuwe tapijttegels van gemaakt. Het probleem is dat we er te weinig binnenkrijgen. De politieke wereld werkt onvoldoende mee: alles in de verbrandingsoven dumpen is nog altijd te goedkoop. Daarom zijn we gestart met ‘flooring as a service’: we bieden een volledig pakket aan, inclusief onderhoud en recyclage. Maar het ‘product as a service’-model schrikt nog te veel mensen af. Nochtans zijn ze doorgaans wel vertrouwd met fenomenen als Netflix of fietsdelen. Ze moeten gewoon de juiste klik kunnen maken.”

Koen Sneiders (Derbigum): “Uiteindelijk zal de wetgeving op termijn iedereen verplichten om zijn duit in het zakje te doen en een bepaald percentage hergebruik te halen.”

Product as a service vs. lange levensduur

Voor Derbigum is ‘product as a service’ echter geen optie, zegt waste manager Koen Sneiders. “De levensduur van onze producten is te lang – tot veertig jaar. In feite zijn we zo het slachtoffer van onze eigen hoge kwaliteit. Uiteindelijk zal de wetgeving op termijn iedereen verplichten om zijn duit in het zakje te doen en een bepaald percentage hergebruik te halen.”

Ook in de staalsector is een hoge levensduur van de producten vanzelfsprekend. “Daarom zetten we sterk in op de oprichting van een CESCo (Circular Economy Service Company’)”, zegt Paul Penners van Kloeckner. “Dankzij zo’n samenwerkingsverband wordt het mogelijk om met gelijkgestemden naar hetzelfde doel te kunnen toewerken. Staalschrijnwerk dat nu nog op de schroothoop of de verbrandingsoven belandt, kan deels afgeroomd worden. Daar kunnen de architecten alleen maar blij van worden.”

Duurder?

Als het over de financiële kant van de zaak gaat, leidt de discussie automatisch naar het hardnekkige vooroordeel dat circulair bouwen duurder is. “Dat hoeft niet automatisch het geval te zijn. Er zijn al producten op de markt met een lage initiële kostprijs. We moeten ook naar de volledige financiële impact durven kijken, inclusief toekomstige vervangingen en renovaties, en niet enkel naar de initiële impact”, zegt Mieke Vandenbroucke (VIBE). 

Kristof Debrabandere, coördinator van het C2C Platform, ziet een sturende rol weggelegd voor de overheid: “Het primaire product zou nooit goedkoper mogen zijn dan het product met gerecycleerde content. De overheid moet zorgen voor het juiste kader om nieuwe evoluties een kans te geven.” Tom Rommens (Gyproc) is het daarmee eens. “Dat is de enige taal die producenten begrijpen. Onze primaire grondstoffen worden alleen maar duurder. Als de prijs daalt, toont de industrie plots wél interesse in gerecycleerd materiaal.”   

Tekst: Tekst Filip Van der Elst
Beeld: Beeld Pexels, Tim Janssens, VIBE

Abonneer u op onze nieuwsbrief

Lees ons « Privacy statement » voor nadere informatie.

Bouwen aan Vlaanderen partners