Tagarchief: Belcotec

Op tien jaar van mini-HVAC- naar klasse 8-aannemer

Doktoren3
Lees het gehele artikel

Op nauwelijks tien jaar tijd uitgroeien van kleine onderneming tot klasse 8-aannemer. Slechts weinig bouwbedrijven slagen daarin, maar vandaag telt Belcotec (Geel) wel honderd medewerkers en heeft het een jaaromzet van ongeveer 30 miljoen euro.

“In 2012 ging Jan Vangeel in Dessel van start met een HVAC-installatiebedrijfje”, vertelt directeur financiën, HR en IT Stijn Geboers. “Zijn hele team bestond toen uit amper vijf mensen. De groei verliep wel snel, maar niet overhaast. Naargelang we iets omvangrijke opdrachten aanvaardden, kregen de grotere hoofdaannemers en andere opdrachtgevers ons in het vizier. We hadden ons wel vanaf de start op de projectmarkt gericht.”

Trendsgazelle

De klasse 8-erkenning maakt dat Belcotec vanaf dit jaar ook in aanmerking komt voor de grootste overheidsopdrachten. “Deze erkenning bevestigt dat we over voldoende technische knowhow en uitrusting, professionele integriteit en financiële draagkracht beschikken. Uiteraard impliceert dit dat we ook grote opdrachten vanuit de privésector aankunnen.” De gestage groei leverde Belcotec al eerder een titel als Trendsgazelle op. Intussen zijn we van HVAC-specialist uitgegroeid tot aanbieder van de hele technische uitrusting en gebouwautomatisering, inclusief een eigen studiedienst (alles via BIM). We hadden immers gemerkt dat opdrachtgevers er steeds meer de voorkeur aan geven om alle technieken door één enkele partij te laten installeren.” De algemene evolutie in de bouwsector bleek daarbij een gunstige factor. “In het totale bouwplaatje wordt het aandeel van de technieken almaar groter.”

“We hebben het combigebouw van Evonik gebruikt als een testcase om ventilatiekanalen op maat te bestellen”, vertelt Stijn Geboers.

Innovatief huis

Sinds 2017 is Belcotec gevestigd op de innovatie- en wetenschapscampus van hogeschool Thomas More in Geel. “In een volledig energieneutraal, eigen gebouw. We pasten er al onze technieken toe en maken er gebruik van onder meer een geothermische warmtepomp, lage-energieklimaatplafonds en achthonderd zonnepanelen. Aangezien we het eerste bedrijf waren dat zich op de campus vestigde, konden we een nauwe samenwerking op poten zetten met Thomas More en de KU Leuven. We werken intensief samen voor stages van en onderzoek door studenten. Zo fungeert ons gebouw als proeftuin voor innovatieve gebouwtechnieken. Intussen heeft 60 % van onze bedienden een masterdiploma van Thomas More op zak.”

Antwerpse blikvangers

Recent stond Belcotec in voor de technieken in de Doktoren, een opvallende, 81 meter hoge woontoren met 154 appartementen en 22 bouwlagen naast het nieuwe Antwerpse ziekenhuis ZNA Cadix. “Om de toren zo compact mogelijk te houden, werden de technieken mee in de vloerplaten gestort. Het was een uitdaging om de technische coördinatie al in ruwbouwfase mee op punt te zetten. De locatie in het drukke stadscentrum, waar talrijke wegen-werken aan de gang zijn, maakte het noodzakelijk om de leveringen zeer goed in te plannen.”

Belcotec zorgde tevens voor de technieken in het ‘combigebouw’ van chemiereus Evonik in de haven van Antwerpen. Het was deels een nieuwbouw- en deels een renovatieproject. “Daarom was het belangrijk om de verwerking van de technieken in de beperkte plafondopbouw goed te coördineren. We hebben dit project benut als een testcase om ventilatiekanalen op maat te bestellen. Op deze manier konden we tijd besparen tijdens de plaatsing en werd het overschot aan kanalen tot een minimum beperkt.”    

Bouwkundig hoogstandje voor berging van nucleair afval

IMG_3511
Lees het gehele artikel

In de toekomst zal laag- en middelactief nucleair afval van categorie A op een supergesofisticeerde manier worden geborgen. Hiervoor investeert NIRAS in het zogenaamde cAt-project, dat onder meer een gloednieuwe ‘caissonfabriek’ in Dessel omvat. De realisatie van dit bijzondere project vereiste een krachtenbundeling van de allerbesten. Het eindresultaat is een uniek gebouw dat de kwaliteitsvolle productie van een duizendtal caissons per jaar garandeert.

De hoogte werd gekozen in functie van de vele rolbruggen en halfportaalkranen.

Categorie A-afval is verwerkt en geconditioneerd afval dat een geringe hoeveelheid radioactieve stoffen bevat. Daarom komt het in aanmerking voor berging aan de oppervlakte, een langetermijnoplossing waarbij het afval op passieve wijze wordt ingesloten, zodat mens en milieu er geen hinder van zullen ondervinden. Concreet wordt het in betonnen kisten (caissons) geplaatst en vervolgens ingekapseld met mortel, waardoor monolieten ontstaan. Deze worden in modules geplaatst: betonnen bunkers met dikke wanden in gewapend beton die worden afgesloten met een betonnen dekplaat. Deze krijgen op hun beurt een permanente eindafdekking die quasi geen water doorlaat. 

Een deel van het gebouw bevat grote trechters met granulaten.

Omvangrijke fabriek 

Dit proces is de vertaling van het cAt-project, dat NIRAS (Nationale Instelling voor Radioactief Afval en verrijkte Splijtstoffen) sinds 2006 ontwikkelt. De bedoeling was om een technisch veilige oplossing voor het categorie A-afval te koppelen aan een sociaal en economisch projectplan. Daarbij viel de keuze uiteindelijk op Dessel als locatie. Vanaf 2022 zal een deel van dit proces plaatsvinden in de nieuwe ‘caissonfabriek’ aan de Europalaan. “Gezien de hoge en specifieke kwaliteitseisen wordt al het beton ter plaatse gefabriceerd”, aldus Dennis van Put, projectleider van de TM Vanhout-Stadsbader. “Het is dan ook een vrij grote productiefaciliteit geworden, met een eigen betoncentrale en een hal waar de wapeningskorven worden geprefabriceerd. De fabriek beschikt tevens over een volledig uitgerust betonlabo. Verder is er sprake van een productiehal waar de caissons worden gemaakt en een conditioneringshal waar ze in ideale omstandigheden kunnen uitharden. Tot slot is er eveneens een betonrecuperatiehal terug te vinden.”

De fabriek werd afgewerkt met een grijze betonnen gevelplint en binnendozen met een donkerkleurige bardage.

Eenvoudige materiaalkeuze

De fabriek beslaat een oppervlakte van 2800 m² en is 12 meter hoog. “De hoogte werd gekozen in functie van de vele rolbruggen en halfportaalkranen die voor een vlot intern transport van de materialen, caissons en hun deksels zorgen”, legt Dennis van Put uit. “Aan de buitenkant werden ook nog drie opslagbunkers voor de granulaten voorzien. Tot slot is er een aangebouwd kantorencomplex van 770 m² met twee niveaus opgetrokken. Dit bestaat uit een betonnen structuur en dragende betonblokken. Het is een vrij eenvoudig volume dat werd afgewerkt met een gevelbekleding van grijze sandwichpanelen. De fabriek is opgevat als een staalstructuur op betonnen sokkels. Qua afwerking werd er gekozen voor een grijze betonnen gevelplint en binnendozen met een donkerkleurige bardage, uniform aan de andere projecten op de site.”    

De loskades zijn strategisch geplaatst.

Bouwtechnisch hoogstandje

Het is logisch dat de TM Vanhout-Stadsbader rekening moest houden met heel wat eisen. “Zo moet het gebouw bestand zijn tegen aardbevingen, wat in België geen alledaagse vraag is”, aldus Dennis van Put. “Het was een bijzonder complexe opdracht, zeker op het vlak van stabiliteit en technieken. Zo zijn de productieprocessen maximaal geautomatiseerd en zal de fabriek deels draaien op geothermische energie. Daarom kende NIRAS het project in Design & Build-formule toe en besloten we een Tijdelijke Maatschap op te richten. Vanhout heeft samen met Stadsbader het bouwkundige en installatietechnische gedeelte en de volledige infrastructuur voor zijn rekening genomen. Daarnaast zorgden we voor de coördinatie van de onderaannemers en de andere participanten van de TM. Zoals Grimbergen, dat instond voor de volledige operationele installatie waarmee de caissons zullen worden gemaakt, en Smet Tunneling, dat verantwoordelijk was voor de geothermische installatie. Samen hebben we een sterk staaltje innoverend vermogen gedemonstreerd. De ‘caissonfabriek’ is immers een (bouw)technisch hoogstandje waarop we met z’n allen trots mogen zijn.”  

Er werden voorzieningen getroffen om de grondstoffen op een efficiënte manier binnen te brengen in de fabriek.

Belcotec – HVAC-installatie

De caissonfabriek van NIRAS moet voldoen aan vereisten die veel strenger zijn dan voor een doorsnee fabrieksgebouw. Zelfs de HVAC werd qua materialen en installatieprocessen minutieus onder de loep genomen. Ook de keuze van de installateur werd gewikt en gewogen. Uiteindelijk werd het Belcotec uit Geel, een techniekenbedrijf dat zich specialiseert in zowel HVAC- als elektriciteitswerken in de projectmarkt. “Onze sterkte is dat we een eerder jonge firma zijn en dus niet zijn vastgeroest in traditionele processen”, vertelt Stijn Geboers, directeur HR, finance en IT. “We zijn niet bang om nieuwe werkmethodes te omarmen, zoals het werken in bouwteam. Met onze eigen studiedienst, BIM-afdeling, projectleiders en specialisten in gebouwbeheersystemen kunnen we in elke fase van het project de juiste competenties aanbieden. Deze proactieve aanpak laat toe om knelpunten aan te pakken voor het bouwproces start en samen met de andere bouwpartners de beste oplossingen uit te denken.” Projectleider Jef Geboers: “Ook in de caissonfabriek bleek dit een grote troef te zijn. Daar installeerden we immers de volledige HVAC-installatie met warmtepompen, aerothermen, ventiloconvectoren en traditionele radiatoren voor de verwarming en koeling. We dokterden tevens de juiste ventilatieoplossing uit voor de opslaghal, de kantoren en het labo. Last but not least hebben we het gebouw uitgerust met een olievrije persluchtcompressor van Atlas Copco.”

De stookplaats is volledig het werk van Belcotec
TECHNISCHE FICHE
  • Bouwheer NIRAS (Brussel)
  • Architect A Cube Architecture (Evere)
  • Hoofdaannemer(s) TM Vanhout (Geel) – Stadsbader (Harelbeke)

Samen bouwen aan een slimme toekomst

Belcotec-(1)
Lees het gehele artikel

Belcotec spitst zich toe op het ontwerp en de volledige implementatie van full-service HVAC- en elektro-installaties in bedrijfsgebouwen, onderwijsinstellingen, kantoren, zorginstellingen, woonzorgcentra en residentiële projecten. “Onze firma evolueert van een HVAC-onderneming naar een volledig techniekenbedrijf”, stelt salesmanager Robbe Claes. “Daardoor zijn we een ideale partner voor gebouwtechnieken als totaalpakket. Het is onze betrachting om op eigen kracht verder te blijven groeien als onafhankelijke marktspeler.” 

Belcotec werkt steeds vaker samen met opdrachtgevers, studiebureaus, architecten en aannemers in een bouwteamformule om projecten reeds vanaf de prille ontwerpfase – tot en met de uitvoeringsfase en het eventuele onderhoud – proactief en vakkundig aan te pakken. “Van meet af aan kunnen we rekenen op onze eigen uitgebreide studiedienst en BIM-afdelingen”, zegt Robbe Claes. “Tijdens de uitvoering komen onze projectleiders en specialisten op het vlak van gebouwbeheersystemen dan weer aan bod. Zo pakken we de technische uitdagingen gezamenlijk aan en werken we steevast de beste oplossingen uit. Dankzij deze werkwijze worden budget, kwaliteit, timing en veiligheid optimaal gewaarborgd.”

“Dankzij onze specifieke werkwijze worden budget, kwaliteit, timing en veiligheid optimaal gewaarborgd”, benadrukt Robbe Claes.

Virtuele tweeling dankzij BIM

Bij Belcotec is men ervan overtuigd dat BIM de toekomst is voor de bouwsector. De complexiteit van gebouwtechnieken neemt immers hand over hand toe, waardoor BIM stilaan onmisbaar wordt om alle uitdagingen het hoofd te kunnen bieden. Belcotec heeft daarom een eigen team met BIM-vaklui, die de installaties volledig in 3D uittekenen en ontwerpen. Via deze manier van projectmatig samenwerken, gebruiken alle betrokkenen één 3D-computermodel dat alle informatie omvat, waaronder planning, kosten, duurzaamheid, materialen, operaties … Robbe Claes: “We creëren als het ware een virtuele tweeling van de te realiseren installatie. Bij Belcotec geloven we er stellig in dat dit de toekomst van bouwprojecten is. Ze worden eigenlijk twee keer gerealiseerd: één keer virtueel, de tweede keer in de realiteit.”

Door de jaren heen heeft Belcotec afdoende bewezen dat het realiseren van hoogstaande kwalitatieve HVAC- en elektrotechnische projecten zijn sterkte is.

Design & Build

Net als het werken in bouwteam en BIM is ook Design & Build een positieve evolutie voor de bouwsector in het algemeen en installatietechnieken in het bijzonder, vindt Robbe Claes. “Ook daarvoor kunnen klanten een beroep doen op Belcotec. We werken per project met een multidisciplinair team, dat bestaat uit een tekenaar, werfleider, regelspecialist en arbeiders en dat wordt aangestuurd en opgevolgd door een projectleider. De installatie wordt volgens de noden en behoeften van de klant ontworpen, het energieverbruik geoptimaliseerd en de kost tot in detail geanalyseerd. Dit resulteert in een concept dat we vervolgens zelf realiseren en, indien gewenst, ook onderhouden.”

De installatie wordt volgens de noden en behoeften van de klant ontworpen, het energieverbruik geoptimaliseerd en de kost tot in detail geanalyseerd.

Onestopshop

Belcotec-projectleiders zorgen voor de integratie van alle elektrotechnieken, van de engineering tot en met de uitvoering. Dat gaat van algemene elektrotechnische installaties over toegangscontrole en brandveiligheid tot en met de integratie van alle mogelijke ‘groene energie’-toepassingen zoals WKK, zonnepanelen, KWO, laadpalen … “De klant kan daarbij rekenen op één aanspreekpunt voor zijn volledige elektrische installatie”, verduidelijkt Claes. “Het aandeel groene energie in gebouwen zal alleen maar groter worden, wat maakt dat ook het aandeel technieken in een klassiek bouwproject zal toenemen – de zogenaamde ‘green deal’. Een andere belangrijke uitdaging is het intelligent maken van een gebouw – ‘smart building’ – waardoor we tevens inzetten op gebouwbeheersystemen. Om deze innovatie verder te ontwikkelen, werken we nauw samen met Thomas More KU Leuven.” Door de jaren heen heeft Belcotec afdoende bewezen dat het realiseren van hoogstaande kwalitatieve HVAC- en elektrotechnische projecten, met aandacht voor budget en tijdige realisatie, de sterkte van deze dynamische onderneming vormt.   

Ingenieus HVAC-concept reduceert ecologische footprint

img_0971-kopieren
Lees het gehele artikel

Hoogbouw met een houtskeletstructuur, een stookplaats op de bovenverdieping van de toren, een veelvoud aan planwijzigingen en optimalisaties…: ook op het vlak van HVAC en sanitair had Klein Veldekens heel wat bijzondere uitdagingen in petto. Spek naar de bek van Belcotec, dat op een steenworp van zijn eigen vestiging alles uit de kast haalde om het kersverse woonzorgcomplex installatietechnisch op punt te stellen.

Belcotec is op de projectmarkt een ware referentie inzake HVAC en sanitair. De Geelse onderneming nam dan ook met alle plezier de installatie van de technieken op de nabijgelegen site van Klein Veldekens voor haar rekening. “We hebben dat traject van a tot z in goede banen geleid: engineering, prefabopbouw in ons eigen atelier, plaatsing, regeling en opstart”, licht projectleider Lennert Vanherck toe.

De houtskeletstructuur van de toren en de aanpalende kubus maakte dat Klein Veldekens
geen alledaagse opdracht was.

 

Gunstige invloed op E-peil

Opvallend is dat de centrale stookplaats zich op de bovenverdieping van de toren bevindt. “Een architecturale keuze, maar het bood ook voordelen met betrekking tot de dimensionering van de installatie”, zegt Vanherck. “Twee gascondensatieketels van 450 kW, die in cascade geplaatst zijn, voeden de radiatoren op de verdiepingsniveaus en de vloerverwarming op het gelijkvloers van de gebouwen. Ze worden ondersteund door een BEO-veld en een geothermische warmtepomp van 110 kW, die het retourwater lichtjes opwarmen en die tevens instaan voor de koeling van bepaalde delen van het complex. Een zonneboilerinstallatie met 55 m² zonnecollectoren draagt bij tot de centrale productie van het sanitair warm water, waarvoor elk blok beschikt over een eigen sanitair buffervat. Een buis-in-buissysteem laat warmterecuperatie via de retourleiding toe, wat de warmteverliezen beperkt en het E-peil ten goede komt.”

Prestigieuze thuismatch

Los van de gesofisticeerde HVAC-installatie bracht Klein Veldekens nog enkele andere bijzonderheden met zich mee. “We konden aanvankelijk voortborduren op de aanzet van studiebureau Ingenium, maar in de loop van de uitvoering zijn er nog tal van wijzigingen doorgevoerd. Dat maakte het soms behoorlijk complex”, aldus Vanherck. “Ook de houtskeletstructuur was niet alledaags. De plafonds bevatten zeer veel balken, die we niet mochten doorboren met het oog op de brandveiligheid. We moesten alle technieken (ventilatie, verwarming, sanitair, elektriciteit én sprinklers) dan ook integreren in de vloeropbouw, zonder dat de dikte van die vloeropbouw al te zeer mocht toenemen. Een heus puzzelwerk, want de hoofdtracés van de ventilatie- en sprinklerleidingen mochten elkaar niet kruisen. De coronacrisis maakte ons werk er evenmin makkelijker op, al hebben we ons via een verminderde bezetting, het dragen van mondmaskers en het nodige gezond verstand aardig uit de slag getrokken de voorbije weken. Dat de planning van de bouwwerken en de installatie van de technieken goed op elkaar afgestemd was, heeft uiteraard ook geholpen. Klein Veldekens is in ieder geval een zeer mooi project voor Belcotec, want het was een echte thuismatch. We zien het toren-gebouw zelfs staan vanuit onze eigen vestiging. Topkwaliteit afleveren was dan ook een must, en dat is uitstekend gelukt!”   

Slimme HVAC-installatie voor nieuwe kunstencampus

Lees het gehele artikel

De PXL-MAD School of Arts is een gebouw dat niet voor één gat te vangen is. Heel wat ateliers lenen zich tot verschillende inrichtingen en vormen van gebruik, terwijl er eveneens sprake is van ruimtes met een specifieke functie en een hoogtechnologische uitrusting. Een geschikt HVAC-concept uitdokteren, was dus niet eenvoudig. Toch kunnen alle gebruikers genieten van performante verwarming, koeling en ventilatie, met dank aan de knowhow van installateur Belcotec.

“Voor de verwarming van het nieuwe campusgebouw hebben we een stookplaats ingericht in de kelder van het naburige gebouw C. De drie gascondensatieketels hebben een gezamenlijk vermogen van 750 kW en voeden ventiloconvectoren (ateliers op gelijkvloers en eerste twee verdiepingen), klimaatplafonds (hogere niveaus) en vloerverwarming die deels onder gepolierd beton en deels onder parket geplaatst is (inkomzone en tentoonstellingsruimte op eerste verdieping)”, vertelt Jeroen Vercammen, projectleider bij Belcotec. “Boven op het dak hebben we een technische ruimte gebouwd, waar zowel een verwarmings- als een koelcollector opgesteld staan. Via een change-oversysteem kan er snel en efficiënt overgeschakeld worden van verwarming op koeling en vice versa. We hebben ook wachtleidingen voorzien om de kunstencampus in de toekomst eventueel te kunnen aansluiten op een KWO-installatie.”

2-kopieren

De ventilatielucht wordt aangevoerd door twee omvangrijke luchtgroepen op het dak, die samen een debiet van 80.000 m³/h kunnen leveren.

 

Optimale sturing

Qua ventilatie is er geopteerd voor een vraaggestuurd systeem op basis van aanwezigheidsdetectie. “De ventilatielucht wordt aangevoerd door twee omvangrijke Systemair-luchtgroepen op het dak, die samen een debiet van 80.000 m³/h kunnen leveren. We hebben iets meer dan honderd VAV’s geïnstalleerd om per lokaal een variabel debiet te kunnen voorzien”, legt Vercammen uit. “Het gebouwbeheersysteem bestaat uit een Siemens-platform, waarmee we de verwarming en ventilatie optimaal kunnen sturen. Voor de naregeling maken we gebruik van TRA-regelaars, die in elk lokaal geïntegreerd zijn en functioneren op basis van CO2– en temperatuurmeting. Tot slot hebben we ook nog een reeks specifieke technieken voor de verschillende ateliers geplaatst, zoals een perslucht-, zuurstof- en gasinstallatie en lasarmen.”

Volledig pakket technieken

Belcotec is vanop de innovatiecampus in Geel actief als installatiebedrijf. In de beginjaren spitste de firma zich uitsluitend toe op HVAC, maar intussen beschikt ze ook over een afdeling elektrotechniek. “Daardoor kunnen we voortaan het volledige pakket technieken aanbieden”, legt Jeroen Vercammen uit. “We ontwerpen onze regelingen zelf op basis van Siemens-componenten die we in eigen huis programmeren. Het onge-breidelde potentieel daarvan demonstreren we momenteel niet alleen in Hogeschool PXL, maar ook bij Caterpillar in Grimbergen. De kantoorruimte van circa 3.000 m² wordt er verwarmd en gekoeld via een HVAC-installatie op basis van geothermie, inclusief klimaatplafonds en TRA-regelaars. Zowel de HVAC-componenten als de elektrotechnieken worden aangestuurd met behulp van Siemens-regelaars. Later dit jaar gaan we onze nieuwbouw ook nog uitbreiden en ombouwen tot een proeftuin voor indoor positioning systems (in samen-werking met de Thomas More-hogeschool). Zo zullen we ons steentje
bijdragen aan de verdere ontwikkeling van smart buildings!”