Tagarchief: Modulair bouwen

Modulair bouwen: flexibel en duurzaam

DeMeeuw_AmsterdamInternationalSchool_016
Lees het gehele artikel

Als ons land de omslag moet maken naar duurzaam en circulair bouwen, moeten we innovatief met onze gebouwen omgaan. De Meeuw heeft zulke innovaties in huis. De specialist in modulair bouwen biedt hoogwaardige oplossingen met tijdelijke of permanente bouwunits aan.

De modulaire bouwmethode van De Meeuw heeft veel praktische voordelen. Ze is snel en flexibel, maar op een duurzame manier. Complete bouwmodules, inclusief technische installaties, worden vooraf gefabriceerd in de eigen productiehallen en ter plaatse geassembleerd. De eindklant kan zelf de gewenste look, indeling en afwerking kiezen.

Tijdswinst

Het productieproces bestaat uit twee stromen. In de eerste hal maakt De Meeuw cascomodules uit grote staalcomponenten. Daar storten werknemers een betonvloer in, een strak afgewerkte ondergrond die als basis dient voor de module. Dat halffabricaat gaat vervolgens naar de assemblagehal, waar de modules volledig worden afgewerkt, inclusief kozijnen, sanitair en binnen-wanden. “Op die manier kunnen we vijftien tot twintig modules per dag produceren”, stelt Koen Lismont, director of Sales and Business Development bij De Meeuw. “Dat stemt overeen met een tijdswinst van 50 % in vergelijking met traditionele bouwmethodes. En natuurlijk boeten we niet in op kwaliteit. Het zijn vooral de ideale werkomstandigheden die deze snelheid mogelijk maken. Wij moeten ons geen zorgen maken om weerverlet en onze werknemers zijn snel vertrouwd met de specifieke taken die ze in de units moeten uitvoeren.”

“Het is er niet aan te zien dat het om een tijdelijk en modulair gebouw gaat”, stelt Jurgen Van Muylder, Sales Developer bij De Meeuw.

Afwerkingsgraden

De Meeuw staat al heel lang bekend voor zijn containers, die het met deze snelle gestandaardiseerde bouwmethodes produceert. Maar het bedrijf biedt veel meer aan, in verschillende afwerkingsgraden die de brug slaan tussen tijdelijke en permanente gebouwen. Lismont: “Zo beschikken we ook over een ‘Deluxe & Complete’-oplossing, die qua look en comfort niet te onderscheiden is van een tradi-tioneel gebouw. Die oplossing is misschien nog niet zo bekend in de bedrijfswereld, maar in de zorg-sector en de scholenbouw is ze al enorm populair.”

Expats

Een mooi voorbeeld daarvan is de International Community School in Amsterdam. Door de brexit steeg de vraag naar onderwijs voor expatkinderen in de Nederlandse hoofdstad erg snel. De Meeuw bouwde daarom een tijdelijk modulair school-
gebouw dat niet te onderscheiden is van een permanente constructie. Wanneer de kinderen binnen een vijftal jaar naar een definitief schoolgebouw verhuizen, zal Amsterdam de tijdelijke modules op een andere plek in de stad inzetten. De Meeuw hield hier al rekening mee bij het ontwerp van het project.

Wanneer de kinderen binnen een vijftal jaar naar een definitief schoolgebouw verhuizen, zal Amsterdam de tijdelijke modules op een andere plek in de stad inzetten.

Verplaatsbaarheid niet uit het oog verliezen

Het modulaire karakter van het gebouw zorgt ervoor dat je het makkelijk uit elkaar kan halen en vervolgens kan verplaatsen. “Toch is het er niet aan te zien dat het om een tijdelijk en modulair gebouw gaat”, stelt Jurgen Van Muylder, Sales Developer bij De Meeuw. Tegen de buitenkant van de modules is een losse gevel geplaatst. “Een zogenaamde cassettegevel, die voor een moderne en permanente uitstraling zorgt. Zonder daarbij de modulariteit en toekomstige verplaatsbaarheid uit het oog te verliezen.” 

Ecologische voetafdruk

Die modulaire manier van werken van De Meeuw helpt het bedrijf ook om de ecologische voet-afdruk van zijn processen erg klein te houden. “Wij streven naar een maximaal hergebruik van materialen en brengen circulair bouwen in de praktijk”, zegt Lismont. “We kunnen onze units die deel uitmaakten van een gebouw hergebruiken in andere projecten. Maar ook uit units die vanuit een eerder huurproject terug naar ons komen, recupereren we componenten bij het assembleren van nieuwe units. Op het hoofdkantoor wordt ondertussen ook sterk ingezet op een tweedehandscircuit, waarbij bijvoorbeeld sanitair of buitenschrijnwerk aan klussers wordt verkocht. En er wordt zelfs teruggegaan tot op het niveau van de grondstof. Gebruikte pvc-vloeren of plaatmaterialen keren terug naar de leverancier om daar opnieuw te worden ingezet als grondstof voor eigen productie.”

Een hedendaags kantoorproject van De Meeuw. “We zijn ervan overtuigd dat onze modulaire bouwmethode voor veel organisaties de toekomst is”, zegt Koen Lismont. (Beeld: Simon Van Ranst)

Circulaire revolutie

Zeker op de woonmarkt kunnen de modules van De Meeuw voor een circulaire revolutie zorgen. Ze zijn immers eenvoudig aan te passen aan wisselende woonwensen doorheen de tijd. “Beeld het je eens in”, zegt Lismont. “Een jong koppel zoekt een betaalbare starterswoning. Dat kan al met een drietal modules die samen een moderne, volwaardige woning vormen. Bij gezinsuitbreiding komt er gewoon een nieuwe module bij. En gaan de kinderen na verloop van tijd het huis uit? Dan komt zo’n module terug naar ons. In de toekomst zou een zoon of dochter die gaat studeren zijn unit zelfs kunnen transporteren naar geschikte ruimtes in universiteitssteden. Zo’n flexibel concept speelt dus vlot in op de veranderende behoeften van onze klanten. En dat op een efficiënte manier, niet alleen voor de klant zelf, maar ook globaal gezien voor de hele woningmarkt.”

Uitbreiden en inkrimpen

Die flexibiliteit geldt trouwens ook voor bedrijven. In tijden van thuis- en flexwerk is het voor organisaties niet makkelijk om kantoren en bedrijfsruimtes juist af te stemmen op het personeel. Met een modulaire bouwmethode pas je je organisatie snel aan die veranderende omstandigheden aan. Zowel uitbreiding als inkrimping behoren tot de mogelijkheden. “We zijn er dan ook van overtuigd dat onze modulaire bouwmethode voor veel organisaties de toekomst is”, sluit Lismont af.   

Nieuwe viplounge illustreert voordelen van modulair bouwen

demeeuw-709-kopieren
Lees het gehele artikel

De toekomst is aan bedrijven die erin slagen om de basisprincipes van circulair bouwen te koppelen aan een indrukwekkende uitvoeringssnelheid. Vandaar dat (semi)permanente modulaire bouwoplossingen op heel wat interesse kunnen rekenen. Zelfs in luxueuze omgevingen kunnen ze een significante meerwaarde bieden. Getuige daarvan de nieuwe viplounge op de luchthaven van Charleroi.

Toen de luchthaven van Charleroi in 2017 een contract met een belangrijke luchtvaartmaatschappij in de wacht sleepte, doken er meteen tal van uitdagingen op. Vooral de eis om op zeer korte termijn een vipterminal te bouwen, bracht de nodige kopzorgen met zich mee. Het volledige complex moest namelijk binnen de vier maanden operationeel zijn, terwijl er nog geen sprake was van een ontwerp en de klant een uiterst hoge afwerkingsgraad eiste. Bovendien golden er op het tarmac strikte beperkingen qua gebruik van kranen, opslag van goederen en zelfs het aantal toegelaten werklui. Een derde obstakel was de locatie. De viplounge werd opgetrokken naast de bestaande passagiersterminal, al is de kans reëel dat deze laatste in de toekomst moet worden uitgebreid om de groei van de luchthaven op te vangen. Tot slot mocht de nieuwe ontwikkeling uiteraard geen negatieve impact hebben op de dagelijkse werking van de luchthaven en het comfort van de reizigers.

De nieuwe viplounge is makkelijk verplaatsbaar als de aanpalende passagiersterminal in de toekomst zou uitbreiden.

 

Geen creatieve beperkingen

Aangezien enkel een modulaire bouwoplossing een sluitend antwoord biedt op al deze voorwaarden, kwam de luchthaven van Charleroi al snel uit bij De Meeuw, dat aan de slag ging met een ruwe schets. “Ons concept sluit een samenwerking met architecten niet uit”, vertelt Business Development & Sales Manager Koen Lismont. “Integendeel: steeds meer ontwerpers vinden hun weg naar ons, en dit voor een breed spectrum van gebouwen. De enige beperkingen van modulaire bouw zijn de standaardafmetingen van de modules: enerzijds omdat ze geprefabriceerd worden in onze fabrieken en anderzijds omdat we
ze met uitzonderlijk vervoer ter plaatse moeten krijgen. Voor de rest kan de architect zijn inspiratie de vrije loop laten. Zelfs de karakteristieke rechthoekige
vorm valt te omzeilen, bijvoorbeeld door de gevels in te vullen met een gekromde glaswand. Het is dan aan de ontwerper om creatief om te gaan met de dragende kolommen in de vier hoeken.”

Modulaire bouw bood het antwoord op alle uitdagingen die gepaard gingen met de realisatie van een nieuwe viplounge in de luchthaven van Charleroi.

 

Uiterst snelle realisatie dankzij automatisering

De luchthaven van Charleroi wou een gebouw met weinig franje dat perfect in het bestaande patrimonium zou passen. “Het was de bedoeling om een rechthoekig pand met één bouwlaag te creëren, met de mogelijkheid om in de toekomst een extra niveau toe te voegen. Vandaar dat we genoeg hadden aan die ruwe schets, die we weliswaar hebben uitgewerkt volgens de standaardafmetingen van onze modules”, licht accountmanager Adeline Damiron toe. “In al onze projecten hertekenen we het ontwerp met Revit, zodat we alle mogelijke uitsparingen kunnen voorzien en eventuele clashes kunnen detecteren. Het resultaat zijn foutloze 3D-tekeningen waarmee we ons productieproces aansturen. In combinatie met de bodemplaten die onze Nederlandse fabriek steeds in voorraad heeft, kunnen we razendsnel een (semi)permanente modulaire constructie realiseren. In de luchthaven van Charleroi hebben we de strikte deadline zonder problemen gehaald, inclusief de minutieuze afwerking en het plaatsen van de fundering!”

Snelle start = snelle realisatie

“De sleutel van dit succes schuilde in de snelle bestelling van de ramen en deuren – in elk project toch wel de grootste bottleneck”, vult Koen Lismont aan. “Aangezien de leveringstermijnen fors kunnen oplopen, hebben we het ontwerp meteen na de ondertekening van het contract uitgewerkt. Zodra we de juiste afmetingen kenden, bestelden we de ramen, de deuren en de meeste andere materialen, zodat we snel aan de slag konden. Het was immers onze intentie om de 300 m² grote viplounge maximaal in onze fabriek te realiseren, zodat we de aanwezigheid van materiaal en mensen op de site konden beperken en een uiterst hoge afwerkingsgraad konden garanderen.”   

De Meeuw startte met twaalf ‘halffabricaten’: een vloerchassis met ingestort beton, vier kolommen en een dakchassis. “De buitenwanden werden uitgewerkt in skeletbouw, geïsoleerd en aan de buitenkant voorzien van een folie, watervaste cementvezelplaat, zwarte doek, regelwerk en Eternit-platen”, aldus Adeline Damiron. “De binnenzijde kreeg eveneens een vochtwerende folie, en sommige delen werden al bekleed met gipskarton. Daarnaast installeerden we al enkele afscheidingswanden, de sanitaire voorzieningen, alle ramen en de meeste deuren. Zelfs het dak werd volledig op voorhand afgewerkt met een stalen frame, isolatie, cementgebonden vezelplaat en brandwerende EPDM-membranen. De ruwbouw (wind- en waterdicht) nam slechts tweeënhalve dag in beslag en de volledige binnen- en buitenafwerking was in twee weken klaar.”

Modulair bouwen sluit stijlvolle architectuur, een piekfijne afwerking en technisch vernuft allerminst uit.

 

Volledig circulair

De voordelen van de modulaire viplounge in de luchthaven van Charleroi zijn legio. Naast de snelle ingebruikname is het pand in de toekomst zonder al te veel kosten te verplaatsen, wat een zeer grote troef zou zijn bij een eventuele uitbreiding van de aanpalende passagiersterminal. “Ook in ziekenhuizen, scholen, kantoren, woningen of andere gebouwen kan dit van goudwaarde blijken”, weet Koen Lismont. “Het tweede grote voordeel is de aanpasbaarheid. Als de fundering erop voorzien is, kunnen er makkelijk verdiepingen bijgebouwd worden (tot zeven niveaus). Omgekeerd is het perfect mogelijk om gebouwen te verkleinen of op te splitsen.”

Hoewel De Meeuw ook al permanente modulaire gebouwen realiseert, heeft het merendeel van de projecten nog steeds een tijdelijke functie. Daar speelt de firma op in met verschillende financieringsformules: aankoop (met terugkoopgarantie), huren met aankoopoptie, leasing … Koen Lismont: “En aangezien we circulariteit hoog in het vaandel dragen, nemen we onze modules aan het einde van hun levensduur terug, waarna we ze volledig recycleren. We gaan daar zeer ver in. Enige tijd geleden hebben we zelfs een partij gezocht die de sanitaire uitrustingen, vloer- en wandbekleding, verlichting, enzovoort aanbiedt op tweedehandssites. Al de rest wordt quasi volledig verwerkt tot nieuwe grondstoffen, ook door onze toeleveranciers. Dat is een vereiste om partner van De Meeuw te worden. We zijn er immers van overtuigd dat een gesloten duurzaamheidscirkel de toekomst is, zeker in de bouwwereld!”   

Modulair bouwen: de toekomst is veranderingsgericht

Lees het gehele artikel

Tijden veranderen. Anno 2020 evolueren de maatschappelijke noden haast even snel als de technologische mogelijkheden. Statische gebouwen bieden niet langer een adequaat antwoord op de steeds dynamischere realiteit, en dus is flexibiliteit meer dan ooit het ordewoord. “Modulair en veranderingsgericht bouwen zal dan ook alleen maar aan belang winnen”, benadrukt Roos Servaes van OVAM. Vooruitstrevende projecten als LAB2FAB in Houthalen-Helchteren geven alvast het goede voorbeeld.

De stalen basisstructuur met geboute elementen overspant de volledige diepte van 24 meter en leent zich dus uitstekend tot een open indeling.

 

Zeggen dat onze samenleving er helemaal anders uitziet dan twintig jaar geleden, is een open deur intrappen. Nochtans is de relevantie van deze vanzelfsprekende stelling niet te onderschatten. Thuiswerk, eenoudergezinnen, cohousing, hubs voor creatieve start-ups, circulariteit: het zijn maatschappelijke trends die zich alsmaar nadrukkelijker manifesteren en die een steeds grotere impact hebben op de dagelijkse gang van zaken. Gebouwen die opgetrokken zijn met één welbepaald doel voor ogen, voldoen niet langer aan de verwachtingen. In het kader van de transitie naar een circulaire economie is aanpasbaarheid geen ‘leuke troef’ meer, maar een ‘conditio sine qua non’. Vandaar dat modulair en veranderingsgericht bouwen meer dan ooit aan de orde is.

Dynamische entiteiten

‘Verder kijken dan je neus lang is’, zo zou je modulair en veranderingsgericht bouwen in één simpele zin kunnen omschrijven. In plaats van enkel aan het heden te denken en gebouwen en constructies één vaststaande functie te geven, komt het erop aan om ze zo uit te tekenen en te realiseren dat ze
in de verre of nabije toekomst snel, eenvoudig en efficiënt uit te breiden, in te krimpen, te verplaatsen en/of opnieuw in te delen zijn. Door ze op te vatten als een aaneenschakeling van (geprefabriceerde)
modules, die eveneens te koppelen zijn aan bestaande volumes en dus ook van nut kunnen zijn in een renovatiecontext, genieten eigenaars en gebruikers van een ongekende flexibiliteit. “Zo maken de statische gehelen van weleer geleidelijk aan plaats voor dynamische entiteiten die rekening houden met alle mogelijke toekomstige scenario’s”, zegt Roos Servaes, consultant bij de dienst Beleidsinnovatie van OVAM en een van de vele voorvechters van modulair, veranderings-gericht en circulair bouwen.

Het langgerekte LAB2FAB-gebouw bestaat uit acht onderling schakelbare modules van 250 vierkante meter.

 

De mogelijkheden zijn legio, geeft Servaes aan: “In een modulaire omgeving kan een gebouw dat vandaag dienstdoet als kantoor morgen fungeren als een school. En bedrijven die opteren voor een modulair gebouw hoeven niet meteen te verhuizen wanneer er plaatsgebrek dreigt, maar kunnen hun capaciteit eenvoudigweg opdrijven door enkele modules toe te voegen – zonder dat er grote afbraak- of verbouwingswerken aan te pas komen! Dit alles maakt dat gebouwen en constructies veel langer meegaan en langer hun waarde behouden, dat de bebouwde ruimte stukken efficiënter benut wordt, dat er veel minder bouw- en sloopafval ontstaat, enzovoort. Het doel moet zijn om projecten te realiseren die klaar zijn voor toekomstige veranderingen en die deze veranderingen zelfs efficiënt ondersteunen. Concreet wil dit zeggen dat de materialen waaruit gebouwen en constructies bestaan vlot te demonteren zijn (omkeerbare verbindingen, verplaatsbare tussenwanden in plaats van vaste scheidingswanden, enzovoort) en dat de aanwezige technische installaties makkelijk aan te passen zijn aan eventuele functionele wijzigingen.”

Het dubbelhoge trappenhuis anticipeert alvast op een mogelijke uitbreiding in de hoogte.

 

Modulair leerproject

Een project waarin de voordelen van modulair en veranderingsgericht bouwen maximaal tot uiting komen, is LAB2FAB. GreenVille liet op de Mijnparksite in Houthalen-Helchteren een gebouw optrekken waar startende cleantechbedrijven de kans krijgen om op eigen tempo te groeien. “Aangezien snelle uitbreiding eigen is aan die sector, hebben we er rekening mee gehouden in het ontwerp”, vertelt Kris Blykers, architect-zaakvoerder bij BLIEBERG architects of a circular economy, dat het initiële ontwerp van a-tract architecture upgradede met de principes van modulair en veranderingsgericht bouwen. “Het langgerekte LAB2FAB-gebouw bestaat uit acht onderling schakelbare modules van 250 vierkante meter. De stalen basisstructuur met geboute elementen overspant de volledige diepte van 24 meter en leent zich dus uitstekend tot een open indeling. De scheidingswanden zijn uitgevoerd in massief hout, zijn niet-dragend en kunnen indien nodig verplaatst, verwijderd of toegevoegd worden.”

Barst een van de ondernemingen uit haar voegen of besluit ze andere oorden op te zoeken, dan kan GreenVille de ruimtes vlot aanpassen aan de nieuwe situatie. “Het hyperflexibele grondplan laat zowel in- als uitbreiding toe. Dit geldt overigens niet alleen voor het ruimtelijke aspect. Het sanitair is ondergebracht in geprefabriceerde cabines in massief CLT-hout, die eveneens verplaatst, gekoppeld of verwijderd kunnen worden. En het platte groendak is zo uitgevoerd dat het geheel nog uit te breiden is met één bouwlaag. LAB2FAB was voor ons een interessant ‘leerproject’ dat bewijst dat aanpasbaarheid, kwaliteit (vrije hoogte, daglichttoetreding, functionaliteit …) en esthetiek elkaar zeker niet uitsluiten. Integendeel: mits een doordacht, veranderingsgericht ontwerp en een dito realisatie vullen ze elkaar uitstekend aan!”