Platform voor de bouw
Woon & Werkgebouwen

Bouwkundig hoogstandje voor berging van nucleair afval

IMG_3511
In de fabriek zullen de ‘caissons’ worden geproduceerd.

Tekst | Els Jonckheere

Beeld | Charles-Luka Schweizer

5 april 2022 Leestijd 8 minuten

Deel dit artikel

In de toekomst zal laag- en middelactief nucleair afval van categorie A op een supergesofisticeerde manier worden geborgen. Hiervoor investeert NIRAS in het zogenaamde cAt-project, dat onder meer een gloednieuwe ‘caissonfabriek’ in Dessel omvat. De realisatie van dit bijzondere project vereiste een krachtenbundeling van de allerbesten. Het eindresultaat is een uniek gebouw dat de kwaliteitsvolle productie van een duizendtal caissons per jaar garandeert.

De hoogte werd gekozen in functie van de vele rolbruggen en halfportaalkranen.

Categorie A-afval is verwerkt en geconditioneerd afval dat een geringe hoeveelheid radioactieve stoffen bevat. Daarom komt het in aanmerking voor berging aan de oppervlakte, een langetermijnoplossing waarbij het afval op passieve wijze wordt ingesloten, zodat mens en milieu er geen hinder van zullen ondervinden. Concreet wordt het in betonnen kisten (caissons) geplaatst en vervolgens ingekapseld met mortel, waardoor monolieten ontstaan. Deze worden in modules geplaatst: betonnen bunkers met dikke wanden in gewapend beton die worden afgesloten met een betonnen dekplaat. Deze krijgen op hun beurt een permanente eindafdekking die quasi geen water doorlaat. 

Een deel van het gebouw bevat grote trechters met granulaten.

Omvangrijke fabriek 

Dit proces is de vertaling van het cAt-project, dat NIRAS (Nationale Instelling voor Radioactief Afval en verrijkte Splijtstoffen) sinds 2006 ontwikkelt. De bedoeling was om een technisch veilige oplossing voor het categorie A-afval te koppelen aan een sociaal en economisch projectplan. Daarbij viel de keuze uiteindelijk op Dessel als locatie. Vanaf 2022 zal een deel van dit proces plaatsvinden in de nieuwe ‘caissonfabriek’ aan de Europalaan. “Gezien de hoge en specifieke kwaliteitseisen wordt al het beton ter plaatse gefabriceerd”, aldus Dennis van Put, projectleider van de TM Vanhout-Stadsbader. “Het is dan ook een vrij grote productiefaciliteit geworden, met een eigen betoncentrale en een hal waar de wapeningskorven worden geprefabriceerd. De fabriek beschikt tevens over een volledig uitgerust betonlabo. Verder is er sprake van een productiehal waar de caissons worden gemaakt en een conditioneringshal waar ze in ideale omstandigheden kunnen uitharden. Tot slot is er eveneens een betonrecuperatiehal terug te vinden.”

De fabriek werd afgewerkt met een grijze betonnen gevelplint en binnendozen met een donkerkleurige bardage.

Eenvoudige materiaalkeuze

De fabriek beslaat een oppervlakte van 2800 m² en is 12 meter hoog. “De hoogte werd gekozen in functie van de vele rolbruggen en halfportaalkranen die voor een vlot intern transport van de materialen, caissons en hun deksels zorgen”, legt Dennis van Put uit. “Aan de buitenkant werden ook nog drie opslagbunkers voor de granulaten voorzien. Tot slot is er een aangebouwd kantorencomplex van 770 m² met twee niveaus opgetrokken. Dit bestaat uit een betonnen structuur en dragende betonblokken. Het is een vrij eenvoudig volume dat werd afgewerkt met een gevelbekleding van grijze sandwichpanelen. De fabriek is opgevat als een staalstructuur op betonnen sokkels. Qua afwerking werd er gekozen voor een grijze betonnen gevelplint en binnendozen met een donkerkleurige bardage, uniform aan de andere projecten op de site.”    

De loskades zijn strategisch geplaatst.

Bouwtechnisch hoogstandje

Het is logisch dat de TM Vanhout-Stadsbader rekening moest houden met heel wat eisen. “Zo moet het gebouw bestand zijn tegen aardbevingen, wat in België geen alledaagse vraag is”, aldus Dennis van Put. “Het was een bijzonder complexe opdracht, zeker op het vlak van stabiliteit en technieken. Zo zijn de productieprocessen maximaal geautomatiseerd en zal de fabriek deels draaien op geothermische energie. Daarom kende NIRAS het project in Design & Build-formule toe en besloten we een Tijdelijke Maatschap op te richten. Vanhout heeft samen met Stadsbader het bouwkundige en installatietechnische gedeelte en de volledige infrastructuur voor zijn rekening genomen. Daarnaast zorgden we voor de coördinatie van de onderaannemers en de andere participanten van de TM. Zoals Grimbergen, dat instond voor de volledige operationele installatie waarmee de caissons zullen worden gemaakt, en Smet Tunneling, dat verantwoordelijk was voor de geothermische installatie. Samen hebben we een sterk staaltje innoverend vermogen gedemonstreerd. De ‘caissonfabriek’ is immers een (bouw)technisch hoogstandje waarop we met z’n allen trots mogen zijn.”  

Er werden voorzieningen getroffen om de grondstoffen op een efficiënte manier binnen te brengen in de fabriek.

Belcotec – HVAC-installatie

De caissonfabriek van NIRAS moet voldoen aan vereisten die veel strenger zijn dan voor een doorsnee fabrieksgebouw. Zelfs de HVAC werd qua materialen en installatieprocessen minutieus onder de loep genomen. Ook de keuze van de installateur werd gewikt en gewogen. Uiteindelijk werd het Belcotec uit Geel, een techniekenbedrijf dat zich specialiseert in zowel HVAC- als elektriciteitswerken in de projectmarkt. “Onze sterkte is dat we een eerder jonge firma zijn en dus niet zijn vastgeroest in traditionele processen”, vertelt Stijn Geboers, directeur HR, finance en IT. “We zijn niet bang om nieuwe werkmethodes te omarmen, zoals het werken in bouwteam. Met onze eigen studiedienst, BIM-afdeling, projectleiders en specialisten in gebouwbeheersystemen kunnen we in elke fase van het project de juiste competenties aanbieden. Deze proactieve aanpak laat toe om knelpunten aan te pakken voor het bouwproces start en samen met de andere bouwpartners de beste oplossingen uit te denken.” Projectleider Jef Geboers: “Ook in de caissonfabriek bleek dit een grote troef te zijn. Daar installeerden we immers de volledige HVAC-installatie met warmtepompen, aerothermen, ventiloconvectoren en traditionele radiatoren voor de verwarming en koeling. We dokterden tevens de juiste ventilatieoplossing uit voor de opslaghal, de kantoren en het labo. Last but not least hebben we het gebouw uitgerust met een olievrije persluchtcompressor van Atlas Copco.”

De stookplaats is volledig het werk van Belcotec
TECHNISCHE FICHE
  • Bouwheer NIRAS (Brussel)
  • Architect A Cube Architecture (Evere)
  • Hoofdaannemer(s) TM Vanhout (Geel) – Stadsbader (Harelbeke)
Nieuwsbrief

Meld u aan om nieuws & updates te ontvangen.

Contact

Pascal Op de Beeck

Projectmanager

Meer online zichtbaarheid creëren via Bouwen aan Vlaanderen? Neem contact met mij op.

0%

    Stuur ons een bericht

    Wij gebruiken cookies. Daarmee analyseren we het gebruik van de website en verbeteren we het gebruiksgemak.

    Details